Informatie over projecten uit de "Agenda (V)SO Passend Onderwijs"
Als uw kind meer ondersteuning en begeleiding nodig heeft dan het reguliere onderwijs kan bieden, dan zijn er twee mogelijkheden:
Voor beide vormen van onderwijs is een indicatie van de Commissie voor de Indicatiestelling vereist. Het is de beslissing van de ouders of de voorkeur uitgaat naar regulier onderwijs (met extra ondersteuning) of het speciaal onderwijs.
Speciaal onderwijs
Als uw kind een positieve indicatie heeft gekregen van de Commssie voor de Indicatiestelling, dan kan het naar school voor speciaal onderwijs. Op de school voor speciaal onderwijs krijgt uw kind onderwijs en speciale, op het kind afgestemde hulp en begeleiding.
Er zijn verschillende vormen van speciaal onderwijs in Nederland, ingedeeld naar de aard van de handicap of beperking van de leerlingen. Op basis van de beperking van de leerlingen spreken we van 4 clusters:
Cluster 1 | Cluster 2 | Cluster 3 | Cluster 4
Klik op de naam van een cluster voor meer informatie
‘Met een rugzakje’ naar het regulier onderwijs
Met een positieve indicatie van de CvI maakt uw kind aanspraak op zogenaamde leerlinggebonden financiering, ook wel ‘rugzakje’ genoemd. Met dat geld kan uw kind naar een reguliere school (of op de eigen school blijven). Als u voor een reguliere school kiest, dan wordt die school in staat gesteld om uw kind extra hulp en begeleiding te bieden. Uit dat rugzakje worden betaald:
De school stelt een handelingsplan op; dit gebeurt in overleg met de ouders. Bij het opstellen van het handelingsplan wordt ook degene betrokken die vanuit het speciaal onderwijs de begeleiding gaat verzorgen. In het handelingsplan staat wat men wil bereiken in het onderwijs aan uw kind en op welke manier. Zo weet u hoe de middelen uit het rugzakje worden ingezet.
De keuze voor een reguliere of speciale school hoeft overigens niet voor de gehele schoolloopbaan van uw kind te gelden. U kunt bijvoorbeeld eerst voor een paar jaar voor een speciale school kiezen om vervolgens de schoolloopbaan op een reguliere school voort te zetten en af te ronden. Of omgekeerd: u kunt besluiten uw kind naar een reguliere school te laten gaan zo lang als dat voor uw kind verantwoord is en pas, als dat niet meer het geval is, voor een speciale school te kiezen. Een indicatie biedt immers, zo lang als die geldig is (3 jaar), beide mogelijkheden.
Met een rugzak in het middelbaar beroepsonderwijs (MBO)
Er is geen speciaal onderwijs op MBO niveau. Als een deelnemer aan het MBO extra ondersteuning nodig heeft bij het volgen van onderwijs, dan kan dat met leerlinggebonden financiering (‘de rugzak’). Daarmee kunnen gespecialiseerde hulpmiddelen en/of extra begeleiding worden ingeschakeld.
Om in aanmerking te komen voor de rugzak kan de deelnemer zelf of in samenwerking met zijn studieadviseur contact leggen met de Commissie voor de Indicatiestelling (CvI) van het cluster waar de speciale hulp wordt gevraagd. Dit is mogelijk voor zowel de beroepsopleidende leerweg (BOL) als voor de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) die verzorgd worden op een regionaal opleidingscentrum (ROC), agrarisch opleidingen centrum (AOC) of een vakschool.
Meer informatie over het rugzakje in het mbo is te vinden op www.rugzakinmbo.nl
Leeftijd en leerlinggebonden financiering
Een leerling kan tot zijn/haar eenentwintigste verjaardag gebruik maken van leerlinggebonden financiering in primair en voortgezet onderwijs. Als de leerling na het voortgezet (speciaal) onderwijs naar het middelbaar beroepsonderwijs gaat binnen de beroepsopleidende leerweg of de beroepsbegeleidende leerweg kan hij tot zijn dertigste jaar gebruik maken van leerlinggebonden financiering. Voor de overige vormen van beroeps- of universitair onderwijs geldt dit niet.